20-01-2020
Dit is de heerlijke woning waar Christus bij Johannes van zegt: In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen; anderszins zou Ik het u gezegd hebben. Ik ga heen om u plaats te bereiden; en Ik kom weder, en zal u tot Mij nemen, opdat gij ook zijn moogt waar Ik ben. Te weten, in dat nieuwe Jeruzalem, dat geen zon of maan behoeft; want de heerlijkheid Gods verlicht haar, en het Lam is haar Kaars. Daar zal God alle tranen van onze ogen afwissen; en de dood zal niet meer zijn; die de laatste vijand is, welken de Heere aan Zijn voeten onderwerpen zal. Daar heeft God een heerlijke bruiloft bereid, waar wij met Abraham, Izak en Jakob zullen aanzitten aan de tafel des Heeren. En zalig zijn zij die geroepen zijn tot het avondmaal van de bruiloft des Lams.
1. Het huis van de Vader
2. Het nieuwe Jeruzalem
3. De bruiloft van het Lam
Psalm 84:1 en 2
Psalm 105:2 (na de geloofsbelijdenis)
Psalm 56:1 en 4
Psalm 73:13
Psalm 119:10
Johannes 14:1-4
1 Uw hart worde niet ontroerd; gijlieden gelooft in God, gelooft ook in Mij.
2 In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen; anderszins zo zou Ik het u gezegd hebben; Ik ga heen om u plaats te bereiden.
3 En zo wanneer Ik heen zal gegaan zijn, en u plaats zal bereid hebben, zo kome Ik weder en zal u tot Mij nemen, opdat gij ook zijn moogt, waar Ik ben.
Openbaring 21:1-4
1 En ik zag een nieuwen hemel en een nieuwe aarde; want de eerste hemel, en de eerste aarde was voorbijgegaan, en de zee was niet meer.
2 En ik, Johannes, zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, nederdalende van God uit den hemel, toebereid als een bruid, die voor haar man versierd is.
3 En ik hoorde een grote stem uit den hemel, zeggende: Ziet, de tabernakel Gods is bij de mensen, en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen Zijn volk zijn, en God Zelf zal bij hen en hun God zijn.
4 En God zal alle tranen van hun ogen afwissen; en de dood zal niet meer zijn; noch rouw, noch gekrijt, noch moeite zal meer zijn; want de eerste dingen zijn weggegaan.
Openbaring 19:6-9
6 En ik hoorde als een stem ener grote schare, en als een stem veler wateren, en als een stem van sterke donderslagen, zeggende: Halleluja, want de Heere, de almachtige God, heeft als Koning geheerst.
7 Laat ons blijde zijn, en vreugde bedrijven, en Hem de heerlijkheid geven; want de bruiloft des Lams is gekomen, en Zijn vrouw heeft zichzelve bereid.
8 En haar is gegeven, dat zij bekleed worde met rein en blinkend fijn lijnwaad; want dit fijn lijnwaad zijn de rechtvaardigmakingen der heiligen.
9 En hij zeide tot mij: Schrijf, zalig zijn zij, die geroepen zijn tot het avondmaal van de bruiloft des Lams. En hij zeide tot mij: Deze zijn de waarachtige woorden Gods